Kladblok Studies Elhanan Ben Avraham

Early Christians 08 - audio studie - Elhanan ben Avraham

- Book : the hidden face of God - Gerrald Schröder
- Gen. 12:2-3 mensen onder de vloek (Islam) : zij de Israël vervloeken
- movie - Osama ,gemaakt door mensen uit Afganistan die leven onder de taliban

Early Christians 09 - audio studie - Elhanan ben Avraham

- 2 Tess 2: 2 en volgend: gevolgen van de Islam
- Book: The innocence abroad - Mark Twain
- Ezechiel 36 G'd geeft de vrucht van het land weer terug; vers 12 erfelijk bezit voor Mijn volk Israël
- Ezechiel 36: 22 Herstel van Israël om Mijn heiligen Naam
- Ezechiel 36: 24 vergaderen van de Israëlieten uit al de landen

Between the law 01 - audio studie - Elhanan ben Avraham

Between the law 02/03 - audio studie - Elhanan ben Avraham

1 Joh 3:4 Ieder die zondigt overtreedt Gods wet, want zondigen is Gods wet overtreden.
- Thora: hebreeuws voor instructies
Det 32: 8 Toen de Allerhoogste land toewees aan elk volk en de mensen ieder hun deel gaf, bepaalde hij de grenzen voor alle volken naar het aantal nazaten van Israël,
Johannes 14,21 Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’
johannes 1: en 17 16 Immers uit zijn volheid hebben wij allen ontvangen zelfs genade op genade; 17 want de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid zijn door Jezus Christus gekomen.
Romeinen 11: 9-11 9 En David zegt: Hun tafel worde tot een strik en een net, en tot een aanstoot en vergelding voor hen. 10 Laten hun ogen verduisterd worden, zodat zij niet zien, en doe hun rug voorgoed zich krommen. De struikeling van Israël, het heil der heidenen 11 Ik vraag dan: zij zijn toch niet zo gestruikeld, dat zij wel vallen moesten? Volstrekt niet! Door hun val is het heil tot de heidenen gekomen, om hen tot naijver op te wekken.
Gen 15: 6 ev Belofte en teken


Merkteken van G'd: geschreven op kleine rollen voor in het kokertje op je voorhoofd


Merkteken van het beest

Wee hun die het goede kwaad noemen

Hosea 4: 6 Mijn volk gaat te gronde [wordt stil gezet] door het gebrek aan kennis. Omdat gij de kennis verworpen hebt, verwerp Ik u, dat gij geen priester meer voor Mij zult zijn; daar gij de wet van uw God vergeten hebt, zal ook Ik uw zonen vergeten.
Spreuken 29: 18 Indien openbaring ontbreekt, verwildert [verzwakt] het volk, maar heil hem die de wet bewaart.

Zoektocht naar 'de wet'

opgegroeid in de kerk , wet=slecht, genade=goed

zoektocht
Psalm 1 1. Welzalig de man die niet wandelt in de raad der goddelozen, die niet staat op de weg der zondaars, noch zit in de kring der spotters; 2 maar aan des HEREN wet zijn welgevallen heeft, en diens wet overpeinst bij dag en bij nacht.

Psalm 19: vanaf 8 8 De wet des HEREN is volmaakt, zij verkwikt de ziel; de getuigenis des HEREN is betrouwbaar, zij schenkt wijsheid aan de onverstandige. 9 De bevelen des HEREN zijn waarachtig, zij verheugen het hart; het gebod des HEREN is louter, het verlicht de ogen. 10 De vreze des HEREN is rein, voor immer bestendig; de verordeningen des HEREN zijn waarheid, altegader rechtvaardig. 11 Kostelijker zijn zij dan goud, ja, dan veel fijn goud; en zoeter dan honig, ja, dan honigzeem uit de raat. 12 Ook laat uw knecht zich daardoor ernstig vermanen; in het houden ervan ligt rijke beloning.

Psalm 119- de heerlijkheid van de wet 1 Welzalig zij, die onberispelijk van wandel zijn, die in de wet des HEREN gaan. 2 Welzalig zij, die zijn getuigenissen bewaren, die Hem van ganser harte zoeken;

Psalm 119: vanaf 97 97 Hoe lief heb ik uw wet! Zij is mijn overdenking de ganse dag. 98 Uw gebod maakt mij wijzer dan mijn vijanden, want het is altoos bij mij. 99 Ik ben verstandiger dan al mijn leermeesters, want uw getuigenissen zijn mij tot overdenking. 100 Ik heb meer inzicht dan de ouden,
want ik bewaar uw bevelen. 101 Ik weerhoud mijn voeten van alle boze paden, opdat ik uw woord onderhoude. 102 Ik wijk niet af van uw verordeningen, want Gij onderwijst mij. 103 Hoe aangenaam zijn uw redenen voor mijn verhemelte, meer dan honig voor mijn mond. 104 Uit uw bevelen heb ik inzicht ontvangen;
daarom haat ik elk leugenpad.

Psalm 119: vanaf 105 105 Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.

Spreuken 3:1-2 1 Mijn zoon, vergeet mijn onderwijzing niet en uw hart beware mijn geboden, 2 want lengte van dagen, en jaren van leven, en vrede zullen zij u vermeerderen.

Spreuken 3:18 18 Een boom des levens is zij voor wie haar aangrijpen, wie haar vasthouden, zijn gelukkig te prijzen;

Deut 30:10 10 wanneer gij naar de stem van de HERE, uw God, luistert door zijn geboden en inzettingen te onderhouden, die in dit wetboek geschreven staan; wanneer gij u tot de HERE, uw God, bekeert met geheel uw hart en met geheel uw ziel. 11 Want dit gebod, dat ik u heden opleg, is niet te moeilijk voor u en het is niet ver weg. 12 Het is niet in de hemel, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal opstijgen ten hemel, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen? 13 En het is niet aan de overkant der zee, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal oversteken naar de overkant der zee, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen? 14 Maar dit woord is zeer dicht bij u, in uw mond en in uw hart om het te volbrengen. 15 Zie, ik houd u heden het leven en het goede voor, maar ook de dood en het kwade: 16 doordat ik u heden gebied de HERE, uw God, lief te hebben door in zijn wegen te wandelen en zijn geboden, inzettingen en verordeningen te onderhouden, opdat gij leeft en talrijk wordt en de HERE, uw God, u zegene in het land, dat gij in bezit gaat nemen.

Waarom is de wet gegeven?

Deut 4:39-40 39 Weet daarom heden en neem het ter harte, dat de HERE de enige God is in de hemel daar boven en op de aarde hier beneden, er is geen ander. 40 Onderhoud dan zijn inzettingen en zijn geboden, die ik u heden opleg, opdat het u en uw kinderen na u wèl ga en opdat gij lang leeft in het land, dat de HERE, uw God, u geven zal voor altijd.

Deut 5: 29 29 Och, hadden zij steeds zulk een hart om Mij te vrezen en om al mijn geboden te onderhouden, opdat het hun en hun kinderen voor altoos wèl mocht gaan!

Deut 5: 33 33 Heel de weg, die de HERE, uw God, u geboden heeft, zult gij gaan, opdat gij leeft en het u wèl ga en gij lang woont in het land, dat gij in bezit zult nemen.

Deut 5:16 16 Eer uw vader en uw moeder, zoals de HERE, uw God, u geboden heeft, opdat uw dagen verlengd worden en het u wèl ga in het land, dat de HERE, uw God, u geeft.

Deut 6:3 3 Hoor dan, Israël, en onderhoud ze naarstig, opdat het u wèl ga, en opdat gij zeer talrijk wordt, zoals de HERE, de God uwer vaderen, u heeft toegezegd, in een land, vloeiende van melk en honig.

Christus is het einde van de wet ?

Rom 10:4 4 Want Christus is het einde der wet, tot gerechtigheid voor een ieder, die gelooft.
Gal 3:13 13 Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek der wet door voor ons een vloek te worden;

Deut 28 In de wet zit de zegen en de vloek

Rom 7: 12-14 12 Zo is dan de wet heilig, en ook het gebod is heilig en rechtvaardig en goed.
Strijd van wet en zonde 13 Is dan het goede mijn dood geworden? Volstrekt niet! Maar de zonde heeft, opdat zij zou blijken zonde te zijn, door het goede mijn dood bewerkt, opdat de zonde bij uitstek zondig zou worden door het gebod. 14 Wij weten immers, dat de wet geestelijk is; ik echter ben vlees, verkocht onder de zonde.

1Tim 1:8 8 Wij weten, dat de wet goed is, indien iemand haar wettig toepast,

Is de wet niet vervangen door geloof?

Rom 3:31 31 Stellen wij dan door het geloof de wet buiten werking? Volstrekt niet; veeleer bevestigen wij de wet.

Hand 21 19 En toen hij hen begroet had, verhaalde hij in bijzonderheden, wat God onder de heidenen door zijn dienst had verricht. 20 En zij loofden God, toen zij dit hoorden, en zeiden tot hem: Gij ziet, broeder, hoevele duizenden er onder de Joden gelovig zijn geworden en allen zijn zij ijveraars voor de wet; 21 nu heeft men hun van u verteld, dat gij alle Joden onder de heidenen afval van Mozes leert, door te zeggen, dat zij hun kinderen niet behoeven te besnijden, noch naar de gebruiken te leven. 22 Wat is dan het geval? Zij zullen stellig horen, dat gij aangekomen zijt. 23 Doe daarom wat wij u zeggen: Er zijn vier mannen bij ons, die een gelofte op zich genomen hebben; 24 neem hen mede, heilig u met hen en draag de kosten voor hen, opdat zij hun hoofd kunnen laten scheren; dan zullen allen bemerken, dat van alles, wat men hun van u verteld heeft, niets waar is, maar dat gij ook zelf medegaat in de onderhouding van de wet. 25 Maar inzake de heidenen, die tot het geloof gekomen zijn, hebben wij als ons oordeel geschreven, dat zij zich hebben te wachten voor wat de afgoden geofferd is, voor bloed, voor het verstikte en voor hoererij. 26 Toen nam Paulus die mannen mede, en hij heiligde zich de volgende dag met hen, ging in de tempel en deed aangifte, dat de dagen der heiliging zouden duren, totdat voor ieder hunner het offer gebracht was.